Secretariaat

Postbus 2911
1000 CX
Amsterdam
tel.: 020 301 66 32
fax.: 020 301 66 22
e-mail: secretaris@nvab.net
Statuten NVAB

STATUTEN 

Naam.
Artikel 1.
De vereniging draagt de naam: Nederlandse Vereniging van Advocaten-Belastingkundigen.
Zetel.
Artikel 2.
Zij heeft haar zetel te 's-Gravenhage.
Duur Verenigingsjaar.
Artikel 3.
1. De door van de vereniging is onbepaald.
2. Het verenigingsjaar valt samen met het kalenderjaar.
Doel.
Artikel 4.
De vereniging stelt zich ten doel het bevorderen van de deskundige beroepsuitoefening door advocaten-belastingkundigen in Nederland op het gebied van de fiscale advocatuur, waaronder in dit verband wordt verstaan de beoefening van het belasting(proces)recht in ruime zin, aanverwante rechtsgebieden, zoals het invorderingsrecht en het fiscale strafrecht, daaronder uitdrukkelijk begrepen, zulks onder meer door het organiseren van opleidingen en studiebijeenkomsten, dan wel het verlenen van medewerking daaraan, alsmede door de onderlinge uitwisseling van informatie en alle overige activiteiten welke tot dit doel kunnen bijdragen.
Leden.
Artikel 5.
1. De gewone leden, de aspirant-leden en de buitengewone leden als bedoeld in de artikelen 6, 7 en 8 zijn allen leden in de zin der wet.
2. Het lidmaatschap van de vereniging is persoonlijk.
3. Het bestuur houdt een register aan waarin de namen en adressen van alle leden zijn opgenomen. De leden dienen het bestuur op de hoogte te houden van eventuele wijzigingen in naam en adres en beroepsuitoefening.
Toelating van gewone leden.
Artikel 6.
1. Het gewone lidmaatschap van de vereniging staat uitsluitend open voor hen, die gedurende ten minste vijf jaar als advocaat zijn ingeschreven overeenkomstig het bepaalde inde Advocatenwet en ten genoegen van het bestuur aannemelijk maken, dat zij ten tijde van het in lid 2 bedoelde verzoek voor wat betreft kennis en ervaring aantoonbare deskundigheid bezitten op het gebied van het belasting(proces)recht zoals bedoeld in artikel 4; in het bijzonder dient de aanvrager het lidmaatschap aannemelijk te maken dat hij/zij de door de vereniging aan te wijzen opleidingen en/of cursussen met goed gevolg heeft voltooid, alsmede dat hij/zij in het jaar onmiddellijk voorafgaande aan het verzoek tot toelating een bij Huishoudelijk Reglement te bepalen substantieel aantal uren heeft besteed aan de behandeling van belastingzaken.
2. Teneinde het lidmaatschap te verwerven, dient men daartoe een schriftelijk verzoek in te dienen bij het bestuur.
3. Het besluit van het bestuur wordt schriftelijk aan de gegadigden medegedeeld. In geval van een afwijzende beslissing, wordt deze bij aangetekende brief verzonden.
4. Tegen een afwijzende beslissing van het bestuur, waaronder een weigering van een ontheffing, zoals deze in artikel 9, mede is begrepen, is beroep mogelijk bij de Commissie van Beroep als bedoeld in artikel 13, mits een dergelijk beroep schriftelijk bij aangetekende brief wordt ingesteld binnen dertig (30) dagen na dagtekening van de in lid 3 bedoelde aangetekende brief.
5. Een voor het lidmaatschap afgewezen gegadigde kan zijn verzoek in het lopende verenigingsjaar niet herhalen.
Toelating van aspiranten.
Artikel 7.
1. Advocaten die niet aan de in artikel 6 lid 1 genoemde toelatingseisen voldoen, kunnen aspirant-lid van de vereniging worden, mits zij gedurende ten minste twee jaar als advocaat zijn ingeschreven overeenkomstig het bepaalde in de Advocatenwet en ten genoegen van het bestuur aannemelijk maken dat zij in het jaar onmiddellijk voorafgaande aan hun verzoek tot toelating een bij Huishoudelijk Reglement te bepalen substantieel aantal uren hebben besteed aan de behandeling van zaken op het terrein van het belasting(proces)recht, zoals bedoeld in artikel 4.
2. Aspirant-leden kunnen tot gewoon lid van de vereniging worden toegelaten indien zij de door of vanwege de vereniging gegeven of aangewezen opleidingen en/of cursussen hebben afgerond binnen drie jaar na hun toelating als aspirant-lid en aan de overige lidmaatschapseisen voldoen.
3. Het lidmaatschap van aspirant-leden vervalt automatisch indien zij de opleiding en/of cursussen niet binnen drie jaar hebben afgerond.
4. De leden 2, 3, 4 en 5 van artikel 6 zijn van overeenkomstige toepassing.
Toelating van buitengewone leden.
Artikel 8.
1. Tot buitengewone leden van de vereniging kunnen worden toegelaten: advocaten die buiten Nederland overeenkomstig hun nationale wetgeving gedurende ten minste zes jaar als advocaat zijn ingeschreven, en die ten genoegen van het bestuur aannemelijk maken dat zij in hun land van herkomst in aanmerkelijke mate als advocaat werkzaam zijn op het rechtsgebied, mutatis mutandis, bedoeld in artikel 4 en op dat rechtsgebied ten tijde van het indienen van het verzoek tot toelating door kennis en ervaring een aantoonbare deskundigheid bezitten.
2. De leden 2, 3, 4 en 5 van artikel 6 zijn van overeenkomstige toepassing.
Ontheffing.
Artikel 9.
1. Het bestuur kan aan ervaren belastingadviseurs die advocaat zijn geworden ontheffing verlenen van het bepaalde in artikel 6 lid 1. De leden 2, 3, 4 en 5 van artikel 6 zijn van overeenkomstige toepassing.
2. Het bestuur kan aan personen met relevante werkervaring ontheffing verlenen aan het bepaalde in artikel 7 lid 1 zodat zij direct in hun eerste jaar als advocaat aspirant-lid van de vereniging kunnen worden.
3. Het bestuur kan bij Huishoudelijk Reglement de criteria voor een ontheffing als bedoeld in lid 1 en/of lid 2 van dit artikel nader uitwerken.
Einde lidmaatschap.
Artikel 10.
1. Het lidmaatschap eindigt door:
a. schriftelijke opzegging door het lid aan het kantooradres van de secretaris van de vereniging, in welk geval het lidmaatschap eindigt op de datum van ontvangst van de brief;
b. overlijden van het lid;
c. opzegging namens de vereniging door het bestuur, indien een lid heeft opgehouden te voldoen aan de statutaire vereisten voor het lidmaatschap, dan wel wanneer redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren, in welke gevallen de betrokkene ten spoedigste per aangetekende brief in kennis wordt gesteld van het besluit tot opzegging, onder opgave van de redenen die daartoe aanleiding hebben gegeven;
d. ontzetting, bij besluit van het bestuur, wegens handelen of nalaten in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der vereniging, dan wel wanneer het lid de vereniging op onredelijke wijze benadeelt, in welke gevallen de betrokkene ten spoedigste per aangetekende brief in kennis wordt gesteld van het besluit tot ontzetting, onder opgave van de redenen die daartoe aanleiding hebben gegeven.
2. Van een besluit tot opzegging of ontzetting staat de betrokkene binnen dertig (30) dagen na de datum van verzending van het besluit beroep open op de Commissie van Beroep als bedoeld in artikel 13.
3. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
Bestuur.
Artikel 11.
1. De algemene ledenvergadering stelt het aantal bestuursleden vast, welk aantal tenminste drie bedraagt. De bestuursleden worden uit de leden benoemd door de algemene ledenvergadering.
2. De benoeming van bestuursleden geschiedt uit een of meer bindende voordrachten, behoudens het bepaalde in lid 4. Tot het opmaken van zulk een voordracht zijn bevoegd zowel het bestuur als tien of meer leden. De voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de vergadering medegedeeld. Een voordracht door tien of meer leden moet ten minste acht dagen voor de aanvang van de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend.
3. Aan elke voordracht wordt het bindend karakter ontnomen door een daartoe met ten minst twee derde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de algemene ledenvergadering, welk besluit wordt genomen in een vergadering waarin tenminste een derde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is.
4. Is geen voordracht opgemaakt, of besluit de algemene ledenvergadering overeenkomstig het voorgaande lid aan de opgemaakte voordrachten het bindend karakter te ontnemen, dan is de algemene vergadering vrij in de keuze van de bestuursleden.
5. Bestuursleden worden benoemd voor ten hoogste drie jaren, bij volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
6. Het bestuur stelt een rooster van aftreden van zijn leden op. Bestuursleden kunnen terstond worden herbenoemd.
7. Tussentijdse vacatures behoeven slechts dan onverwijld te worden vervuld, wanneer het aantal bestuursleden beneden de drie is gedaald. Is dit het geval, dan wordt binnen zestig (60) dagen na het ontstaan van de vacature(s) een algemene ledenvergadering bijeengeroepen, ter benoeming van de nieuwe bestuursleden.
8. Een tussentijds benoemd bestuurslid treedt af op het tijdstip waarop diens voorganger zou zijn afgetreden.
9. Het bestuur wijst uit zijn midden de voorzitter, secretaris en de penningmeester aan.
10. De voorzitter, de secretaris en de penningmeester vormen het dagelijks bestuur van de vereniging.
11. De bestuursvergadering besluit met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
12. Bij staking van stemming wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
13. Een bestuurslid kan te allen tijde door de algemene ledenvergadering worden geschorst of ontslagen. Een besluit tot schorsing of ontslag behoeft een meerderheid van twee derden van de geldig uitgebrachte stemmen. Een schorsing eindigt indien niet binnen drie maanden daarna tot ontslag is besloten. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts door bedanken.
Vertegenwoordiging.
Artikel 12.
1. Het bestuur vertegenwoordigt de vereniging, voor zover uit de wet niet anders voortvloeit. De bevoegdheid tot vertegenwoordigen komt bovendien toe aan twee leden van het dagelijks bestuur gezamenlijk.
2. Het bestuur is bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen.
Commissie van Beroep. College van advies.
Artikel 13.
1. De algemene ledenvergadering benoemt een Commissie van Beroep bestaande uit ten minste drie natuurlijke personen die geen leden van de vereniging kunnen zijn. De algemene ledenvergadering zal voor elk benoemd lid van de Commissie van Beroep een plaatsvervanger benoemen die evenmin lid van de vereniging kan zijn. Bij ontstentenis of belet van een benoemd lid van de Commissie van Beroep zal zijn vervanger zijn plaats innemen, echter alleen op uitnodiging van de Commissie van Beroep.
2. De Commissie van beroep bestaat in ieder geval uit en lid van de rechterlijke macht, een hoogleraar dan wel een universitair (hoofd)docent en een (oud)lid van een Raad van Toezicht van de Nederlandse Orde van Advocaten.
3. Het bestuur kan één of meer college(s) van advies instellen.
4. Het bestuur bepaalt de taak van een college van advies.
5. Het aantal leden van een college van advies wordt vastgesteld door het bestuur. Leden van een college van advies kunnen zowel leden als niet leden van de vereniging zijn en worden benoemd door het bestuur. Het bestuur is tevens bevoegd hun ontslag te verlenen.
6. Het bestuur draagt zorg dat één of meer van zijn leden, indien daartoe door een college van advies uitgenodigd, vergaderingen van een college van advies bijwonen. Een college van advies draagt zorg dat ten minste een voldoende representatieve delegatie van het college van advies, indien daartoe door het bestuur uitgenodigd, bestuursvergaderingen bijwoont.
Jaarlijkse Bijdragen.
Artikel 14.
1. De leden zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse bijdrage, welke door de algemene vergadering zal worden vastgesteld. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld, waarbij voor iedere categorie een verschillende bijdrage geldt.
2. Leden die voor één juli toetreden, zijn de volledige contributie over het lopende verenigingsjaar verschuldigd. Leden die na één juli toetreden, zijn over het lopende verenigingsjaar de helft van de vastgestelde contributie verschuldigd.
3. Leden die na één juli uittreden, zijn de volledige contributie over het lopende verenigingsjaar verschuldigd. Leden die voor één juli uittreden zijn over het lopende verenigingsjaar de helft van de vastgestelde contributie verschuldigd.
Algemene ledenvergadering.
Artikel 15.
1. Aan de algemene ledenvergadering komen alle bevoegdheden toe welke niet door de wet of deze statuten aan het bestuur zijn opgedragen.
2. Het bijeenroepen van een algemene ledenvergadering vindt plaats door het bestuur door middel van een circulaire aan de leden, verzonden ten minste dertig (30) dagen voor de datum der vergadering.
Buitengewone ledenvergaderingen.
Artikel 16.
Buitengewone ledenvergaderingen worden bijeengeroepen zo dikwijls als het bestuur dat nodig oordeelt, alsmede indien een schriftelijk verzoek daartoe bij de voorzitter wordt ingediend door ten minste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van één tiende gedeelte der stemmen, welk verzoek de te behandelende punten moet bevatten. Is in dit laatste geval de ledenvergadering niet bijeengeroepen binnen achtentwintig (28) dagen nadat het verzoek daartoe door de voorzitter is ontvangen, dan zijn de aanvragers zelf tot bijeenroeping bevoegd, met inachtneming - mutatis mutandis - van het bepaalde in artikel 15 lid 2.
Stemrecht. Besluitvorming.
Artikel 17.
1. Ieder aanwezig gewoon lid van de vereniging dat niet geschorst is, heeft vijf stemmen; aspirant-leden en buitengewone leden hebben één stem.
2. Behoudens de uitzondering in deze statuten bepaald, worden in de ledenvergadering alle besluiten genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
3. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
4. Bij staking van stemmen over zaken is het voorstel verworpen.
5. Behoudens de uitzonderingen in de statuten bepaald, geschiedt:
a. stemming over zaken mondeling, tenzij de voorzitter der vergadering of ten minste tien stemgerechtigde leden aan schriftelijke stemming de voorkeur geven;
b. stemming over personen schriftelijk, tenzij mondelinge stemming wordt voorgesteld en geen der aanwezigen hiertegen bezwaar maakt.
6. Bij mondelinge stemming is besluitvorming bij acclamatie toegestaan, tenzij meer dan tien stemgerechtigde leden zich hiertegen verzetten.
7. Een lid kan zich door een bij geschrift door hem daartoe gevolmachtigd medelid, behorend tot dezelfde categorie van leden, ter vergadering doen vertegenwoordigen. Onder geschrift wordt ten dezen verstaan via gangbare communicatiekanalen overgebracht en op schrift ontvangen bericht. Een lid kan ten hoogste één medelid ter vergadering vertegenwoordigen.
Voorzitterschap. Notulen.
Artikel 18.
1. De algemene of buitengewone ledenvergadering wordt voorgezeten door de voorzitter of zijn plaatsvervanger of, bij hun ontstentenis, door het naar anciënniteit oudste aanwezige bestuurslid. Is geen bestuurslid aanwezig, dan voorziet de vergadering zelf in het voorzitterschap.
2. De voorzitter der vergadering ziet toe op de notulering.
Jaarverslag. Rekening en verantwoording.
Artikel 19.
1. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
2. Het bestuur brengt op de jaarlijkse algemene ledenvergadering, te houden binnen zes kalendermaanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene ledenvergadering, zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van een balans en een staat van baten en lasten, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen boekjaar gevoerd bestuur. Bij gebreke daarvan kan ieder lid rekening en verantwoording van het bestuur vorderen binnen de in het vorige lid genoemde termijn.
3. De algemene ledenvergadering benoemt jaarlijks uit de leden een commissie van onderzoek, bestaande uit ten minste twee personen die geen deel mogen uitmaken van het bestuur. De commissie van onderzoek onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de algemene ledenvergadering verslag van haar bevindingen uit.
4. De commissie van onderzoek kan zich door een deskundige doen bijstaan. Het bestuur is verplicht de gegevens bedoeld in de leden 1 en 2 van dit artikel tien jaren lang te bewaren.
Statutenwijziging.
Artikel 20.
1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van de ledenvergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld.
2. Zij die de oproeping tot de ledenvergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste dertig (30) dagen voor de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien wordt een afschrift als hierboven bedoeld aan alle leden gezonden.
3. Een besluit tot wijziging van de statuten der vereniging kan slechts worden genomen met een meerderheid van twee derden van de schriftelijk en geldig uitgebrachte stemmen in een ledenvergadering waarin tenminste één derde van het aantal stemgerechtigde leden aanwezig of vertegenwoordigd is.
4. Is dat quorum niet aanwezig, dan wordt binnen dertig (30) dagen na de vergadering een nieuwe ledenvergadering belegd, waarin het besluit kan worden genomen, ongeacht het aantal aanwezige leden, mits met een meerderheid van ten minste drie vierden van de schriftelijk en geldig uitgebrachte stemmen.
5. Wijzigingen van de statuten treden niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt; tot het doen verlijden van die akte is elk bestuurslid bevoegd.
Ontbinding.
Artikel 21.
1. Ten aanzien van een besluit tot ontbinding der vereniging is het bepaalde in het voorgaande artikel van overeenkomstige toepassing.
2. Het besluit tot ontbinding bepaalt, met inachtneming der wettelijke bepalingen, wie de vereffenaars zijn en de wijze van liquidatie en bestemming van het batig saldo.
3. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht; in stukken en aankondigingen welke van de vereniging uitgaan, moet aan de naam worden toegevoegd: "in liquidatie".
Huishoudelijk reglement.
Artikel 22.
Het bestuur stelt, gehoord de algemene ledenvergadering, een huishoudelijk reglement vast.
Slotbepaling.
Artikel 23.
In alle gevallen waarin deze statuten niet voorzien, beslist het bestuur.
Einde statuten.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT


1 TOELATING
Voorwaarden
1.1 
Tot gewoon lid van de vereniging worden toegelaten advocaten, die voldoen aan de in artikel 6, lid 1 van de statuten genoemde criteria, met dien verstande dat de betrokkene ten genoegen van het bestuur aannemelijk maakt dat hij/zij in het jaar voorafgaande aan het verzoek tot het verkrijgen van het lidmaatschap tenminste 400 uren heeft besteed aan de behandeling van zaken op het gebied van het belasting(proces)recht, als bedoeld in artikel 4 van de statuten.
1.2
Tot gewoon lid van de vereniging kunnen eveneens worden toegelaten aspirant-leden, als bedoeld in artikel 7, lid 2 van de statuten, met dien verstande dat zij de door of vanwege de vereniging gegeven of aangewezen opleidingen en/of cursussen hebben afgerond binnen drie jaar na hun toelating als aspirant-lid en aan de overige lidmaatschapseisen voldoen.
1.3
Tot aspirant-lid van de vereniging worden toegelaten advocaten, die voldoen aan de in artikel 7, lid 1 van de statuten genoemde criteria, met dien verstande dat de betrokkene ten genoegen van het bestuur aannemelijk maakt dat hij/zij in het jaar voorafgaande aan het verzoek tot het verkrijgen van het aspirant-lidmaatschap ten minste 300 uren heeft besteed aan de behandeling van zaken op het gebied van het belasting(proces)recht, als bedoeld in artikel 4 van de statuten.
1.4
De advocaat die zich als lid of aspirant-lid aanmeldt, machtigt daardoor het bestuur inlichtingen betreffende hem/haar in te winnen bij de Raad van Toezicht van het arrondissement, waar hij/zij is ingeschreven.
1.5
De in artikel 8 eerste lid van de statuten bedoelde buitenlandse advocaat die zich aanmeldt als buitengewoon lid van de vereniging, machtigt door zijn/haar aanmelding het bestuur inlichtingen betreffende hem/haar in te winnen bij de organisatie of instelling in het land van herkomst die aldaar ten aanzien van betrokkene een vergelijkbare functie vervult als een Raad van Toezicht in Nederland ten aanzien van advocaten die zijn ingeschreven in het Arrondissement van de betrokken Raad.
Ontheffing
1.6
Met inachtneming van artikel 9 lid 1 van de statuten kan het bestuur ontheffing verlenen aan het bepaalde in artikel 1.1. van dit Reglement aan een belastingadviseur die advocaat is geworden en die tenminste aannemelijk maakt dat hij gedurende een periode van vijf jaar werkzaam is geweest in de fiscale adviespraktijk en daar een substantieel deel van zijn tijd aan heeft besteed.
1.7
Met inachtneming van artikel 9 lid 2 van de statuten kan het bestuur ontheffing verlenen aan het bepaalde in artikel 1.3. van dit Reglement aan degene die tenminste aannemelijk maakt dat hij gedurende een periode van twee jaren werkzaam is geweest in de fiscale praktijk en daar een substantieel deel van zijn tijd aan heeft besteed.
Behoud van het lidmaatschap 1.8
De gewone en aspirant-leden van de vereniging worden geacht gedurende hun lidmaatschap te blijven voldoen aan de toelatingsvoorwaarden met dien verstande dat zij hun deskundigheid en ervaring op peil houden, alsmede per jaar een aanmerkelijk deel althans tenminste 300 uren van hun werktijd als advocaat besteden aan de behandeling van belastingzaken, dan wel aan het belasting(proces)recht zoals bedoeld in artikel 4 van de statuten, alsmede regelmatig door of vanwege de vereniging georganiseerde bijeenkomsten, cursussen, symposia, e.d. bijwonen.
1.9
Tenzij het bestuur een ontheffing heeft verleend dient een aspirant-lid elk jaar tenminste één van de door de vereniging georganiseerde cursussen te volgen.
1.10
Het bestuur kan te allen tijde van de gewone en aspirant-leden verlangen, dat zij aannemelijk maken dat zij nog steeds voldoen aan de voorwaarden, als gesteld in artikel 6 respectievelijk 7 van de statuten en in artikel 1.8. en 1.9 van dit Huishoudelijk Reglement.
1.11
Het (aspirant-)lid, dat gedurende een onafgebroken periode van in totaal drie jaar minder dan het in artikel 1.8. van dit Reglement genoemde aantal uren van de werktijd heeft besteed aan de behandeling van belastingzaken, dan wel zaken op het terrein van belasting(proces)recht, zoals bedoeld in artikel 4 van de statuten, dient daarvan terstond na ommekomst van die periode van 3 jaar kennis te geven aan het bestuur.
1.12
In geval van een kennisgeving als bedoeld in artikel 1.11. kan het bestuur een - al dan niet tijdelijke - ontheffing verlenen van het bepaalde in artikel 1.8.
1.13
Het bestuur beslist over de vraag of een aspirant-lid wordt toegelaten als gewoon lid en kan twee bestuursleden machtigen om die beslissing namens het bestuur te nemen.
Opzegging
1.14
Zodra een (aspirant-) lid heeft opgehouden te voldoen aan de voorwaarden omschreven in de statuten en het Huishoudelijk Reglement kan het bestuur hem/haar het lidmaatschap opzeggen, als bedoeld in artikel 10, lid 1, onder c van de statuten.
1.15
Alvorens tot opzegging over te gaan, stelt het bestuur het desbetreffend (aspirant-)lid in de gelegenheid aannemelijk te maken dat hij/zij wel aan alle voorwaarden voor het lidmaatschap voldoet.
1.16
Van een beslissing van het bestuur als bedoeld in artikel 1.12. staat de betrokkene binnen dertig (30) dagen na de datum van verzending beroep open bij de Commissie van Beroep op de voet van artikel 10, lid 2 van de statuten.

2 ACTIVITEITEN
2.1
Het bestuur regelt in onderling overleg zijn werkzaamheden en kan naast de portefeuilles zoals bedoeld in artikel 11, lid 9 van de statuten, speciale portefeuilles instellen, waarmee één of meer bestuursleden worden belast.
2.2
Het bestuur zal elk jaar ten behoeve van de jaarvergadering een opgave doen van de samenstelling van het bestuur en de verdeling van de portefeuilles. Bij deze opgave zal worden gevoegd een rooster van aftreden, zonodig voorzien van een voordracht tot herbenoeming.
2.3
Het bestuur stelt telkens per verenigingsjaar een vergaderrooster samen voor tenminste vier bestuursbijeenkomsten.
2.4
Het bestuur bevordert de kennisontwikkeling op het gebied van het belasting(proces)recht onder haar leden alsmede de kwaliteit van de door hen geboden rechtsbijstand.
2.5
Tot het in het vorige lid gestelde doel kan het bestuur voor de leden en eventuele introducés onder meer doch niet uitsluitend de volgende activiteiten (doen) ondernemen:
- het organiseren van een jaarvergadering, c.q. symposia en lezingen;
- het stimuleren van regionale overlegstructuren onder de leden;
- het opzetten van een netwerk van contactpersonen;
- het behartigen van de belangen van de beroepsgroep;
- het verzorgen van al dan niet wetenschappelijke publicaties.
2.6
Het bestuur kan commissies instellen, die zich dienen te richten op en bezighouden met activiteiten als in het vorige lid bedoeld.
2.7
Het bestuur en de commissies als in dit artikel bedoeld streven ernaar de bijeenkomsten die de opleiding en kennisontwikkeling der leden tot doel hebben ook toegankelijk te maken voor andere belangstellende advocaten.
2.8
Het bestuur is bevoegd te bepalen dat aan de leden en eventueel andere belangstellenden voor het bijwonen van activiteiten als in dit artikel bedoeld kosten in rekening worden gebracht.

3 CONTRIBUTIE
3.1
Het verenigingsjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december.
3.2
De contributie wordt vastgesteld door de algemene ledenvergadering.
3.3
De gewone leden van de vereniging zin de volledige contributie verschuldigd; buitengewone leden en aspirant-leden zijn jaarlijks de helft van de volledige contributie verschuldigd.
3.4
De gewone, aspirant- en buitengewone leden wier lidmaatschap aanvangt vóór 1 juli van het kalenderjaar zijn de volle in het vorige lid te kunnen aanzien bedoelde contributie verschuldigd, de andere leden zijn over het lopende verenigingsjaar de helft daarvan verschuldigd.

4 DE BEHANDELING VAN HET BEROEP
4.1
Een beroep op de Commissie van Beroep als bedoeld in artikel 13 van de statuten wordt ingesteld binnen de daartoe in de statuten bepaalde termijn.
4.2
Het beroepschrift wordt per aangetekende post ingezonden bij de secretaris van de vereniging.
4.3
De secretaris zendt het beroepschrift, de beslissing van het bestuur waarvan beroep en alle overige stukken, die op de beslissing betrekking hebben, direct na ontvangst van het beroepschrift toe aan de voorzitter van de Commissie van Beroep. Degene die het beroep heeft ingesteld, wordt van deze toezending schriftelijk op de hoogte gebracht.
4.4
De Commissie van Beroep stelt bij aangetekende brief degene, die het beroep heeft ingesteld, in de gelegenheid zijn beroep mondeling toe te lichten behoudens het bepaalde in artikel 4.12.
4.5
De Commissie van Beroep kan het bestuur horen en doet dit in ieder geval indien het bestuur daartoe de wens te kennen geeft.
4.6
De voorzitter van de Commissie van Beroep is belast met de leiding van de zitting; hij bepaalt de orde van de zitting.
4.7
De Commissie van Beroep kan die in artikel 4.4. en 4.5. bedoelde mondelinge behandeling delegeren aan één van haar leden.
4.8
Van de mondelinge behandelingen als bedoeld in de artikelen 4.4., 4.5., 4.6. en 4.7., wordt in elk geval een schriftelijk verslag opgemaakt. Van dat verslag ontvangen de betrokkene en het bestuur zo spoedig mogelijk na de betrokken zitting een door de Commissie van Beroep gewaarmerkt afschrift.
4.9
Zowel het bestuur als de betrokkenen kan binnen tien dagen na ontvangst van het verslag een schriftelijke reactie indienen bij de secretaris, die daarop het bepaalde in artikel 4.3. in acht neemt.
4.10
De Commissie van Beroep kan hetzij op verzoek van de betrokkene, hetzij op verzoek van het bestuur mondeling of schriftelijk inlichtingen inwinnen; van de inhoud daarvan stelt de Commissie de betrokkene en het bestuur in kennis, voordat zij tot haar beslissing komt. Hen wordt daarbij de gelegenheid geboden zich over de betreffende informatie uit te laten.
4.11
De secretaris van de vereniging draagt er zorg voor dat het betrokken lid tijdig afschriften ontvangt van alle stukken, waarover de Commissie van Beroep beschikt.
4.12
In gevallen dat:
- het beroep kennelijk ongegrond is;
- de beslissing waarvan beroep is ingetrokken of gewijzigd, op zodanige wijze dat kennelijk aan het beroep van de betrokkene tegemoet is gekomen;
- de beslissing waarvan beroep is gebaseerd op een verzoek, ingediend binnen één jaar nadat de Commissie van Beroep een beslissing heeft gegeven naar aanleiding van een vergelijkbare beslissing op verzoek van dezelfde betrokkene, kan de commissie van beroep zonder mondelinge behandeling uitspraak doen.
4.13
De Commissie van Beroep doet binnen drie maanden na de toezending der stukken als bedoeld in art. 4.3. schriftelijk en gemotiveerd uitspraak, behoudens de mogelijkheid tot verdaging van die uitspraak voor telkens een periode van maximaal 90 dagen in geval van - in de uitspraak te vermelden - bijzondere omstandigheden. Zij brengt haar uitspraak onverwijld schriftelijk ter kennis van de betrokkene met gelijktijdige toezending van een afschrift aan het bestuur.

5 PROCEDURE BENOEMING PLAATSVERVANGENDE LEDEN VAN DE COMMISSIE VAN BEROEP
Alvorens het bestuur, met het oog op artikel 13 van de statuten, aan de algemene ledenvergadering een kandidaat voordraagt voor benoeming tot plaatsvervangend lid van de Commissie van Beroep, wint het bestuur omtrent die kandidaat zo mogelijk het gevoelen in van de Commissie van Beroep.

6 PUBLICITEIT 6.1
Het bestuur draagt zorg voor de ontwikkeling van activiteiten met betrekking tot voorlichting en publiciteit. Het bestuur kan daartoe een commissie instellen.
6.2
Het bestuur kan vaststellen op welke wijze de leden, aspirant-leden en buitengewone leden van de vereniging gerechtigd zijn zich als zodanig naar buiten toe te presenteren, onverminderd ieders eigen verantwoordelijkheid te dien aanzien.
6.3
Indien een lid, als bedoeld in artikel 6.2., handelt in strijd met de krachtens dit artikel door het bestuur op te stellen regels voor het bedrijven van publiciteit, kan het bestuur het betrokken lid diens lidmaatschap opzeggen.

7 INWERKINGTREDING HUISHOUDELIJK REGLEMENT
Dit Huishoudelijk Reglement treedt in werking op 1 januari 2006 en vervangt het voorgaande reglement.